De Colombiaanse mensenrechtenverdediger Inés Estela Perrez Arregoces werd op 11 juni bij aankomst op Schiphol gearresteerd door de Nederlandse grensautoriteiten. Ze reisde op uitnodiging van Europese NGO’s naar onder meer Genève om te spreken tijdens de VN-Mensenrechtenweek. Ze kwam naar Europa om misstanden aan te karten van een Brits-Zwitsers mijnbouwbedrijf in haar gemeenschap. Ze kwam met een geldig paspoort, officiële uitnodigingen en volledige financiële ondersteuning.
Toch werd ze direct bij aankomst apart genomen, onderworpen aan een zware fouillering, beschuldigd van drugshandel én vastgezet. Pas uren later kreeg ze tolk-ondersteuning. Haar rechten werden haar onvoldoende uitgelegd, juridische bijstand werd geweigerd en ze werd vernederend behandeld. Zo mocht ze bijvoorbeeld de deur van het toilet niet sluiten en heeft ze op een dun matrasje op de grond geslapen. Na meer dan 24 uur detentie is ze uiteindelijk gedwongen uitgezet,
Jaarlijks worden gemiddeld 4.000 mensen geweigerd aan de Schengen-buitengrens en teruggestuurd. Bij aankomst mogen zij maximaal 24 uur op het vliegveld blijven. Wat er in die 24 uur precies gebeurt, is grotendeels onbekend. Waar verblijven deze mensen? Wie regelt hun terugvlucht? Weten zij dat ze het besluit mogen aanvechten — en krijgen ze daar wel een eerlijke kans voor?
Eind juli heeft minister van Weel (JenV) schriftelijk antwoord gegeven op Kamervragen over de detentie van Arregoces. Zij lichtte toe dat, wanneer wordt besloten iemand aan de grens te weigeren, altijd wordt ingezet op een zo spoedig mogelijke terugkeer. Op Schiphol verblijft de vreemdeling in principe in de internationale lounge tot aan vertrek. Daar mag hij of zij zich vrij bewegen en gebruikmaken van de aanwezige faciliteiten. In de meeste gevallen is dit verblijf voldoende, zeker als het vertrek snel kan worden geregeld. Als dat niet lukt, kan de betrokkene in grensdetentie worden geplaatst.
Dat sluit echter niet aan bij de ervaringen van Arregoces. Zij is zij noch vrijgelaten in de internationale lounge noch in grensdetentie gezet. Op de vragen die over haar persoonlijke situatie gingen, gaf de minister geen antwoord, omdat er geen uitspraken worden gedaan over individuele gevallen.
